Podcast: Tartaria, 3

transcript, leeslijst

Transcript

Welkom bij luminati.be. Mijn naam is Frank. Ik schrijf en vertel graag verhalen over complottheorieën, schijnwetenschap en desinformatie.

U luistert naar het laatste deel over Tartaria. In één en twee vertelde ik over de inhoud en de bronnen van de recente online mythe.

In dit laatste deel maak ik een omweg langs twee chronologiecritici om dan uit te komen bij de ideologische aspecten van de pseudohistorische vertelsels rond het vermeende wereldrijk.

Verzonnen tijd

Beginnen doe ik zowaar met een stukje échte geschiedenis. In de zestiende eeuw liet paus Gregorius XIII de Juliaanse kalender aanpassen. Het probleem met die kalender was al eeuwen gekend: die was goed voor een afwijking van ongeveer een dag per eeuw. Dat verschil zorgde er onder meer voor dat de paasdatum niet meer overeenkwam met astronomische observaties die cruciaal waren voor de berekening ervan.

De oplossing was ook al lang gekend: gewoon even het aantal schrikkeldagen aanpassen en de kalender in één klap tien dagen opschuiven.

Gregorius XIII hakte de knoop door: op 4 oktober 1582 zou de katholieke wereld inslapen om de volgende dag wakker te worden op 15 oktober. Bij wijze van spreken, uiteraard. Het duurde enige tijd voordat alle katholieke landen die Gregoriaanse kalender invoerden. De andere christelijke denominaties accepteerden de nieuwe tijdrekening schoorvoetender, maar ze zagen wel de voordelen in van een kalender die beter aansloot bij preciezere astronomische observaties. Rond 1702 was de overschakeling in de westerse wereld rond.

Lunario Novo, Secondo la Nuova Riforma della Correttione del l’Anno Riformato da N.S. Gregorio XIII,
gedrukt in Rome door Vincenzo Accolti in 1582.

De katholieke kerk had dus het gezag om de kalender met tien dagen aan te passen. Geen dertien dagen evenwel, omdat men slechts tot het Eerste Concilie van Nicea van 325 terugrekende en niet tot 45 v.Chr. Dat is het jaar waarin Julius Caesar de kalender invoerde in het Romeinse Rijk. Onthoud even dit verschil van drie dagen.

Alles kan beter, moeten bedrijvers van de chronologiekritiek gedacht hebben. Dat zijn mensen die de geaccepteerde tijdrekeningen en dus de geschiedschrijving in twijfel trekken. De geschiedenis van de chronologiekritiek is op zich al een boeiend verhaal, met heel veel kleurrijke figuren. Maar dat reserveer ik voor een andere podcast of een blogartikel.

Ik start met de Duitser Heribert Illig en eindig bij de Rus Anatoli Fomenko. Die laatste zal mijn bruggetje zijn naar de ideologische achtergrond van Tartaria.

Fantoomtijd

In 1996 verscheen het boek De verzonnen middeleeuwen. De grootste schriftvervalsing in de geschiedenis van de Duitse schrijver Illig. Het was een instant klassieker. Centraal staat het begrip ‘fantoomtijd’. Dat is volgens hem een periode van zo’n driehonderd jaar die nooit heeft plaatsgevonden. Meer bepaald de periode tussen 614 en 911.

Illig heeft hiervoor verschillende argumenten: volgens hem zijn er amper archeologische vondsten die we met zekerheid kunnen toeschrijven aan die periode. De aanwezigheid van Romaanse gebouwen in tiende-eeuws West-Europa sterkte hem in de overtuiging dat de Romeinse periode niet zolang voorbij was als geschiedkundigen aannemen. Jammer genoeg voor Illig is Romaans versus Romeins géén gevalletje van tomaytotomahto. Die woorden hebben echt wel een andere betekenis.

Ook de tien dagen die bij de invoering van de Gregoriaanse kalender werden toegevoegd, zijn een bewijs dat er zo ongeveer drie eeuwen ontbreken: het hadden namelijk dertien dagen moeten zijn, aldus Illig. Hij hield evenwel geen rekening met het Concilie van Nicea, zoals eerder uitgelegd. En tot slot vond Illig dat historici te veel op geschreven bronnen vertrouwden.

Dit alles houdt ook in dat volgens Illig bijvoorbeeld keizer Karel de Grote, die gestorven is in 814, nooit bestaan heeft. Of dat de gebeurtenissen tussen 614 en 911 niet hebben plaatsgevonden in die periode, wat dus een kwestie van slechte datering is, of nooit hebben plaatsgevonden. En dat is dan weer een kwestie van leugens in de geschreven bronnen.

Illig schreef deze discrepanties toe aan een complot en wel van de Byzantijnse keizer Constantijn VII, de Rooms-Duitse keizer Otto III en paus Sylvester II, die allemaal stierven tussen 959 en 1003. Deze machtshebbers zouden talloze monniken, kopieerders en scribenten hebben opgedragen om evenveel jaren aan de geschiedenis en geschiedschrijving toe te voegen als Illig niet kon verklaren.

Hoe dan ook, het zou een internationale bureaucratische verwezenlijking zijn zonder weerga. Niet alleen in de middeleeuwen, maar ook niet in moderne tijden. Het is daarnaast ook een vorm van onverbeterbaar narcisme: de complotdenker kan niet verkeerd zijn en kan daarom niet anders dan concluderen dat er een samenzwering was. Waarom twee keizers en een paus dat zouden doen, is niet heel duidelijk.

Illigs theorieën zijn door experts uit zo ongeveer elk betrokken vakgebied grondig en systematisch tegengesproken, gecorrigeerd, gedebunkt. Maar dit valt buiten het bestek van deze podcast. Op luminati.be heb ik enkele links voorzien.

Ik beperk mij tot twee eenvoudige tegenargumenten. De wereld namelijk is net iets groter dan West-Europa. Ook andere regio’s en culturen hadden hun chroniqueurs. Astronomen uit de Chinese Tang-dynastie noteerden fenomenen die op andere continenten eveneens zichtbaar waren én beschreven werden. Zij maakten bijvoorbeeld melding van de doortocht van de komeet van Halley. En die melding is consistent met de Europese kronieken én de huidige bevindingen, maar niet als we daar 297 jaar fantoomtijd in zouden verwerken.

Hoe waarschijnlijk is het dat Islamitische heersers meehielpen bij het fingeren van net die periode waarin hun profeet Mohammed het licht zag en waarin moslimkrijgers een islamitisch rijk begonnen op te bouwen? Deze laatste kritiek pareerden volgelingen van Illig trouwens door moslimgeleerden als verdachten, mede-complotteurs te beschouwen.

En dat is een gekende techniek om zich te immuniseren tegen kritiek: kan men de tegenkantingen niet kan ondervangen, dan maakt men het verhaal simpelweg grootser. Op een bepaald punt maakt het echt niet meer uit of een al onwaarschijnlijke stuk desinformatie nóg onwaarschijnlijker wordt.

Nieuwe Chronologie

Met de theorieën van de Rus Anatoli Fomenko komen we stilaan in de buurt van ons mythische rijk Tartaria. Fomenko is niet de eerste de beste: hij is een begenadigd wiskundige, professor aan de Staatsuniversiteit van Moskou en sinds 1994 lid van de Russische Academie van Wetenschappen.

Zijn alternatieve geschiedenistheorieën, zijn “Nieuwe Chronologie” begon hij te ontwikkelen in 1981. Fomenko herschrijft vlotjes de geschiedenis op basis van een geheimzinnige statistische analyse van oude teksten, wiskundige interpretaties van astronomische waarnemingen en vanuit een sterk Russisch-nationalistisch perspectief.

Ik kies drie van zijn ideeën die belangrijk zijn voor het verhaal van Tartaria. Ten eerste, er zijn geen driehonderd, maar duizend jaren verzonnen. Ten tweede, de geaccepteerde geschiedschrijving, de consensus dus, berust op schriftvervalsingen. En ten derde, het machtige Mongoolse rijk van de dertiende eeuw en later, denk aan Djengis Khan, zijn opvolgers en hun gevreesde Mongools-Tataarse krijgersbendes, is eigenlijk hetzelfde als het Russische rijk.

De eerste Russische, Oost- en Centraal-Europese verspreiders van de Tartaria-mythe namen deze drie conclusies vlotjes over.

In 2015 werden 22 boeken van Fomenko vertaald en gebundeld als de reeks History: Fiction or Science?. Het vanzelfsprekende gevolg was dat er voor westerse liefhebbers van alternatieve geschiedenistheorieën een nieuwe, zij het parallelle wereld openging.

Omdat het te ver zou gaan om hier al zijn claims te vermelden en te bespreken, maak ik een selectie van ’s mans eigenaardige ideeën. Waarschuwing vooraf: Fomenko’s herziening van de geschiedenis heeft meer weg van een koortsdroom dan van een coherent verhaal.

Veel heeft Fomenko niet te melden vóór de tiende eeuw in onze geaccepteerde tijdrekening. Maar dan verschijnt de eerste beschaving: het oude Egypte, dat ook bekendstaat als het oude Rome. Honderd jaar later verhuist de wereldhoofdstad naar het Tweede Rome. Wij kennen dat als Constantinopel. En dat is dan weer hetzelfde als het evangelische Jeruzalem én het oude Troje. En wat met het huidige Rome dan, de hoofdstad van wat nu Italië is? Wel, dat is een zestiende-eeuwse poging van de jezuïeten om de boel te belazeren.

Hoe Fomenko deze incoherente uitspraken verklaart? Zijn magisch antwoord is ‘fantoomkopieën’. Kroniekschrijvers en geschiedkundigen gaven volgens hem vaak verschillende datums en locaties voor dezelfde historische gebeurtenissen. En zo verschenen er fantoomkopieën van één gebeurtenis, die zich als verschillende, zeer uiteenlopende feiten verspreidden in de conventionele geschiedschrijving.

Een voorbeeld uit zijn boek Het geval Troje (2015):

[D]e Trojaanse en Gotische Oorlogen [en hier bedoelt hij die van de vijfde en zesde eeuw] zijn meer dan waarschijnlijk de fantoomreflecties van echte oorlogen die plaatsvonden in de periode van de kruistochten. De Trojaanse Oorlog is een echte gebeurtenis, die evenwel plaatsvond in de dertiende eeuw en niet in het verre verleden. Homerus’ episch gedicht is daarom een ingewikkelde, meervoudig samengestelde vertelling van de middeleeuwse kruistochten.

Aldus Fomenko.

Onze Rus wijdde verschillende boeken aan de relatie tussen de Mongolen en Tataren (die hij de ‘Russische Horde’ noemt), Tatarije en de opkomst van Rusland, of beter, van het Russische Rijk. Nog een citaat:

Er was niet zoiets als de Tataarse en Mongoolse invasie, gevolgd door meer dan twee eeuwen van onderwerping en slavernij. De zogenaamde Tataren en Mongolen zijn de eigenlijke stamvaders van de moderne Russen en die leefden in een tweetalige staat waar Turkische talen even vrij gesproken werden als Russisch. Dus Rusland en Turkije vormden ooit twee delen van hetzelfde rijk. […] Timoer Lenk was waarschijnlijk een Russische krijgsheer. De officiële Russische geschiedenis is een opzichtige vervalsing door Duitse geleerden die naar Rusland gehaald werden om de usurperende dynastie van de Romanovs (1613-1917) te legitimeren.

Tja.

Het idee dat Rusland een uitzonderlijke positie inneemt als een oude en Euraziatische grootmacht, gaat terug tot het einde van de negentiende eeuw. Moderne varianten alom. Het Eurazianisme, bijvoorbeeld, heeft als doel een door Rusland geleide statenbond. Die moet heden ten dage in de eerste plaats het grondgebied van de oude Sovjet-Unie herstellen. In de tweede plaats moet dit leiden tot een uitbreiding met landen als Mongolië, Mantsoerije, Turkije en Iran. Goedschiks of kwaadschiks.

Een kenmerk van het Eurazianisme is een afkeer van de Westerse liberale democratie, die een gevaar vormt voor de ambities van Rusland. Daarvoor zoeken Fomenko en anderen dan weer een reden in een gefingeerd verleden.

Een actueler voorbeeld van een soortgelijke geopolitieke filosofie vinden we in het werk van Alexandr Doegin, een Russische filosoof en de zelfverklaarde politieke en spirituele raadgever van Vladimir Poetin.

Voor een gedetailleerde kritiek op Fomenko’s theorieën ontbreekt het mij aan tijd. Al bij al valt er weinig in te brengen tegen zijn schier eindeloze opeenstapeling van absurde ideeën en van een immunisatiestrategie zoals het concept ‘fatoomprojectie’. Welk zinnig argument kan inbrengen tegen het weinig coherente idee dat de zestiende-eeuwse Ivan de Verschrikkelijke dezelfde figuur zou zijn als Hendrik VIII, die ook bekend zou zijn als de twaalfde-eeuwse Richard the Lionheart alias de tiende-eeuwse prins Oleg de Profetische? Die laatste is de stichter van het Kievse Rijk van Novgorod.

Van in het begin immuniseert Fomenko zich tegen kritiek, tegen negatieve commentaar. Maakt iemand een opmerking over een astronomische waarneming, opgetekend in pakweg India, die conflicteert met zijn theorie, dan zal Fomenko die bron afdoen als een vervalsing. Is er geen enkele bron te vinden die stelt dat China of India of Perzië nooit tot het Russische Rijk behoord hebben, dan is dat het resultaat van een conspiratoire en internationale opkuisactie.

Kortom, op geen enkele manier kunnen de theorieën van Fomenko gefalsifieerd worden. En dat is ene teken dat er geen sprake is van wetenschappelijk valabel denken.

Hoe is het dan toch fout kunnen lopen met dat Mongools-Russische Rijk, vraagt u zich af. Wel, dat rijk mag dan zijn hordes onversaagde Mongools-Tataarse krijgers hebben gehad, het Westen had zijn jezuïeten. En zoals iedereen die al wel eens iets gelezen heeft over een eeuwenlange, wereldwijde complottheorie of iedereen die in een college heeft schoolgelopen, weet dat tegen hun streken geen kruid gewassen is. De jezuïeten speelden eerst Turkije en Rusland uit elkaar. Ze scheidden onder meer China en India van het Russische Rijk door hun intriges en leugens.

Intrigerende jezuïeten maken deel uit van complotverhalen in oost en west. Lang voor Fomenko zag de Duits-Russische Helena Blavatsky, madame Theosofie, in hen ook al de belichaming van het Kwaad.

Eerder dan dat Fomenko de directe inspiratiebron is voor de Tartaria-mythe, lijkt het erop dat zijn ideeën de weg mee hebben vrijgemaakt voor een oudere, alternatieve geschiedenistheorie rond een Mongools-Russisch-Tataars rijk, waarbij een elementaire vorm van coherentie de laatste bekommernis is.

Het is altijd al een van de kenmerken van moderne complot- en alternatieve theorieën geweest dat oudere ideeën deels gerecycleerd, deels aangepast en geïncorporeerd worden. En er zijn heel wat bouwblokken in Fomenko ’s theorieën terug te vinden die latere adepten van de Tartaria-mythe recycleerden: Mongolen, Tatarije/Tartaria, de verwijzingen naar een gigantisch wereldrijk en natuurlijk de duizend verzonnen jaren.

Bij de online overdracht van de Tartaria-mythologie van oost naar west zijn de Russen en het glorieuze Fomenkovitische of Euraziatische, Russische rijk evenwel in de filter blijven steken. Een zeer vroeg voorbeeld van een Engelstalige post op een Amerikaans message board lijkt te verwijzen naar de Mongools-Tartariaanse waanwereld van Fomenko, waarin het eveneens wordt voorgesteld als één land, één natie. Maar er wordt met geen woord gerept over een glorieus Russisch-Mongools rijk zoals Fomenko en andere aanhangers van de Eurziatische theorieën voor hem, het voorstellen.

De verzonnen duizend jaren zijn steeds een vreemd verhaalelement geweest in de Tartaria-cyclus, maar het geeft natuurlijk ruimte aan dat andere magische, alomtegenwoordige element in de meeste pseudohistorische verhalen: alle conventionele kennis van de geschiedenis is een vervalsing tot de verspreider van de desinformatie het tegendeel beslist.

Men mag er niet van uitgaan dat alle gelovers dezelfde ideeën over Tartaria aanhangen. Verhalencycli die online heel hoog scoren, bijvoorbeeld die over de Annunaki, de platte aarde, het Boek van Henoch en nu dus Tartaria, zijn eerder grabbeltonnen.

Aanhangers kunnen daaruit vrij willekeurig losse ideetjes kiezen en die aan elkaar rijgen tot een geheel dat niet per se coherent hoeft te zijn. Zolang het maar voldoende Tartariaanse kenmerken en verhaalelementen bevat. ‘Verhaal’ dient hier trouwens heel ruim opgevat te worden: vaak is het niet meer dan een online bericht met een sliert hashtags of een YouTube video die tussen tien minuten en ettelijke uren kan duren.

Wat drijft Tartaria?

Tartaria werd niet op één dag online gezwierd. De eerste plotlijnen die herkenbaar Tartariaans zijn, verschenen midden 2016. De Russisch-Amerikaanse Philipp Druzhinin begon YouTubefilmpjes te posten over een negentiende-eeuwse catastrofale moddervloed, die uiteraard nooit heeft plaatsgevonden. Ze werden toen amper opgemerkt. De video’s lardeerde hij met de gebruikelijke verwijzingen naar de Duits-Joodse bankiersfamilie de Rothschilds, de vrijmetselaars, naar 5G, ingeplante chips enzovoort.

Een goed complotverhaal incorporeert naast nieuwe ideeën zeker ook oude elementen. Herkenbaarheid vergroot het bereik en de aantrekkingskracht. Eén van zijn eerste filmpjes in de reeks ging over reuzen, op dat moment een populair onderwerp bij Oost- en Centraal-Europese YouTubers op zoek naar een internationaal publiek.

Rond 2017 werden Druzhinin en zijn ideeën geïntroduceerd in de bonte wereld van de platte-aarde. Die was op dat moment zijn aantrekkingskracht aan het verliezen en het leek wel of de kern van gelovers op zoek was naar de volgende complothype.

Vanaf 2019 werd de mythe van Tartaria populairder en dat zorgde meteen voor een eerste scheiding. Er ontstonden bitse woordenwisselingen tussen de platte-aarders die fan waren van de nieuwe hype en andere Tartariaansgezinde complotfanatici voor wie de vorm van de aarde niet ter discussie stond. In diezelfde periode werd zelfs de metacomplottheorie gelanceerd dat de platte aarde een uitvinding was van de ‘gecontroleerde oppositie’ om ‘legitieme’ complotdenkers in diskrediet te brengen.

Uiteraard spelen de algoritmes van YouTube, Google en Facebook een hoofdrol. Maar daar staat tegenover dat het surfende, complotminnende publiek niet bestaat uit passieve sukkeltjes die massaal vallen voor samenzweringsfilmpjes enkel en alleen omwille van opdringerige algoritmen. De Tartaria-mythe is het product van een turbulente onlineomgeving, met levendige message boards zoals Reddit, een bekende kweekpoel voor complottheorieën waarin de gebruikelijke elementen steeds weer opnieuw uitgespeeld worden.

Een aantrekkelijk complotidee wordt gelanceerd en prompt gaan doorwinterde verzinners, opportunistische copycats, grappenmakers, semiprofessionele verspreiders aan het werk. Op zoek naar status, in de vorm van likes en of cash. Dealen in complotverhalen is dan ook een verdienmodel zoals een ander.

Ook in het geval van Tartaria ontstond er een wildgroei aan plots en subplots, die op elkaar inwerken. De speculaties worden steeds woester om meer volgelingen te kunnen aantrekken. Onderzoekers aan de Universiteit van Bamberg voerden in 2013 aan dat de aanwezigheid van absurde uitspraken in complottheorieën enerzijds het succes ervan bepalen. Anderzijds ondermijnen net zulke wilde ideeën heel erg de algemeen aanvaarde informatie, de consensus. Hun experimenten suggereerden dat extreme uitspraken de aannemelijkheid van een wilde complottheorie niet per se verminderen.

Soortgelijke inschattingen vinden we ook terug bij Nancy L. Rosenblum en Russell Muirhead, die het conspiratism noemen: hoe absurder de complotverhalen, hoe moeilijker ze te weerleggen vallen.

Dat neemt niet weg dat heel wat complotfilmpjes op YouTube niet veel meer zijn dan doodsaaie en humorloze fotomontages met dito muziek en commentaarstem. En toch zijn ze razend succesvol. Het is een zeer concurrentiële, bijna evolutionaire strijd tussen alternatieve ideeën en theorieën, een soort survival of the maddest.

De leugen regeert

Een bekend adagium in Complotland luidt: ‘Ze liegen nu over de actualiteit, waarom zouden ze niet liegen over vroeger?’ Op deze veelgehoorde, retorische vraag accepteren de stellers ervan maar één antwoord, namelijk dat ‘ze’, wie dat ook moge zijn, inderdaad ook de alternatieve geschiedenis verkeerd afschilderen omdat de waarheid ‘hun’ positie zou bedreigen.

Onder de sentimenten die complottheorieën en dus ook Tartaria-achtige verhalen aandrijven, zijn verongelijktheid en hulpeloosheid veroorzaakt door het gevoel belogen te worden, niet serieus genomen te worden, wat voor complotliefhebbers vaak inwisselbare sentimenten lijken te zijn.

Wij worden belogen en ‘wij’, dat zijn vaak de spreekwoordelijke ‘gewone mensen’. ‘Wij’, dat zijn mensen die worden belogen door wat hoe langer hoe meer tot één solide blok wordt gereduceerd, tot één groot kamp dat diametraal aan de andere kant van het spectrum wordt geposteerd. Het gaat hier vaak over de regering, de deep state en vaak zelfs de democratische instellingen. Ook de media die geheid de negatieve karakterisering ‘mainstream’ meekrijgen, moeten het ontgelden. Verder nog dé wetenschap en het onderwijs en de bankiers. Kortom: groepen en instanties waarvan men denkt dat ze zichzelf het meest genereus van de materiële voordelen van de liberale vrijheden en de zogenaamde democratie bedienen en een schimmige elite, die aan de touwtjes trekt. Het is die elite die de wereld van Tartaria vernietigd heeft en die de geschiedenis verborgen houdt.

Als antidotum wordt het eigen onderzoek aangeprezen, wars van academische of wetenschappelijke bronnen. Een van de kenmerken van wetenschappelijk onderzoek is een zekere mate van openheid en flexibiliteit, die vaak afgedwongen moet worden. De overgang van een oude, gefalsifieerde theorie naar een nieuwe verloopt zelden zonder slag of stoot. Liefhebbers van wetenschap loven deze falsifieerbaarheid en verbeterbaarheid.

Maar voor de doorsnee aanhangers van alternatieve theorieën lijken die twee aspecten nu net een doorn in het oog te zijn. Deze laatsten beschouwen het enerzijds vaak als een zwakte (genre: ‘Wetenschappers weten het ook niet’), anderzijds als een leugen (genre: ‘Opnieuw passen wetenschappers hun versie van de waarheid aan’).

Het spreekt vanzelf dat de talloze onlinegroepjes waarin gelijkgezinden zich verenigen, hierdoor al snel verworden tot bubbels waar wetenschappers en academisch gevormden actief geweerd worden en waar de eigen experten in invented knowledge, verzonnen kennis dus, het hoge woord voeren.

Tegenover de wetenschap staat het eigen onderzoek en dat kan niet slecht zijn, omdat de intentie goed is. Het wordt vaak zelfs beschouwd als een daad van activisme, van rebellie tegen de consensus opgelegd door die andere kant. Als een bevrijding van de intellectuele overheersing door de elite die ons denken via scholing en educatie wil beheersen, bedwingen en zelfs sturen. Logica, rationaliteit en feiten baten niet wanneer gevoelens van uitsluiting niet gevalideerd worden.

Wetenschappelijke methodologie of rigueur speelt hierbij absoluut geen rol. Integendeel, dat wordt vaak ervaren als een te grote rem op de eigen mentale en spirituele vermogens. Vermeende inzichten zijn geïndividualiseerd en dus te respecteren. Het eigen onderzoek wordt vaak voorgesteld als een puur en intuïtief gegeven. Nooit schilderen gelovers het af als een blind gegoogel, instantaan gefantaseer of knip- en plakwerk uit andere internetforums.

Opzoeken is niet onderzoeken. Inhoudelijk dient het resultaat dan ook niet als een ondersteuning voor argumenten, wel als een stimulans voor de samenhorigheid van de groep gelovers en van het dwingende idee dat de resultaten van het eigen onderzoek de (alternatieve) theorie bijna automatisch bevestigen en versterken.

Op het eerste gezicht is de lichtheid van de Tartaria-mythe zelf draaglijk. De theorie lijkt eindeloos naïef en onschuldig. Maar net zoals in het geval van platte-aarders mag men volgens mij écht beginnen ophouden om dit soort gemeenschappen als onschuldige, geïsoleerde gevallen of groepen te beschouwen. Tartaria is ingebed in talloze andere complottheorieën en andere gevallen van uitgesponnen desinformatie die samen en op termijn corrosief werken.

Het volstaat niet om de doldwaze theorie aan de kaak te stellen of te debunken. Meewarig de schouders ophalen bij zoveel intellectuele armoede en de zaak verticaal klasseren, dat helpt dan ook weer niemand verder. Dat zal ook niet tegenhouden dat zulke groepjes allerlei oude en onfrisse ideeën blijven aantrekken die in hun midden klaarblijkelijk probleemloos geaccepteerd worden. Complottheorieën en alternatieve verhalen lijken potjes die elke dag warm worden gehouden en die beginnen over te koken wanneer er zich een echte ramp voltrekt.

Tijdens het hoogtepunt van de COVID-epidemie en -maatregelen (in 2020-2022), verschoof het gespreksonderwerp in de alternatieve geschiedenisgroepjes regelmatig naar alternatief-medische theorieën. De meeste deelnemers aan de discussie leken moeiteloos even een ander masker op te zetten, onder andere dat van het antivaccinatie-activisme. In de pseudohistorische online gemeenschappen verspreidden gelovers moeiteloos de desinformatie die in alternatief-medisch georiënteerde onlinegroepen de ronde deed.

Bij de Russische invasie van Oekraïne (vanaf 24 februari 2022) werd de Russische propaganda vlotjes overgenomen en aangedikt met het gebruikelijke antisemitisme dat in zulke groepen leeft en zelfs hier en daar geïncorporeerd wordt in de Tartariaanse ‘geschiedschrijving’. Natuurlijk werden ook nu weer de oude kaartjes bovengehaald waarop het huidige Oekraïne bestempeld wordt als de bakermat van de Khazaarse joden en maffia. Die worden dan weer gelinkt aan de joodse president van Oekraïne Volodymyr Zelensky.

Tartaria en de platte aarde kennen verschillende gedaantes: in het beste geval lijken het op vormen van cargo cult science. Maar au fond zijn het eerder open verhalencyclussen. Beide narratieven zijn ‘open’. Ze nodigen uit tot samenwerking en die is dankzij de sociale media instantaan en globaal. Gelovers krijgen het gevoel dat ze kunnen bijdragen aan een Groot maar Geheim Verhaal. En net dat maakt zulke ’theorieën’ populair.

Eigen onderzoek staat centraal en daarvoor heeft men geen scholing door derden nodig. Scholen zijn erop gericht om een zo objectief mogelijke vorm van kennis door te. Ze willen studenten voorbereiden op een leven binnen een gemeenschap die gestoeld is op zo democratisch mogelijk overleg. En dat vormt een gevaar voor onze ongebreidelde, alternatieve kennisrebellen.

Koppel dit aan religieus, spiritueel en of occultistisch geïnspireerd extremisme, politiek populisme, vaak van extreemrechtse, conservatieve, altright signatuur en we krijgen een ontvlambare cocktail die meer bedreigt dan alleen maar academia. Het is een gepolitiseerde ideologie onder het mom van “epistemologische rebellie”. En die is zeer populair onder mensen die voelen dat zij niet ten volle kunnen genieten van de voordelen van het huidige democratisch bestel, in tegenstelling tot de bovenlagen van de bevolking.

Dank voor het luisteren.

Mijn naam is Frank. Ik ben, behalve germanist en lesgever, ook een boekengek. Pseudowetenschap en complottheorieën: dat zijn mijn onderwerpen. En die benader ik skeptisch en rationeel. Zo beeld ik mij toch in.

Voor zover ik weet, is er geen enkele organisatie, vzw, broederschap, groot-loge, religieuze orde, geheime dienst, nest reptielmensen of wat dan ook, die wil dat ik in hun naam schrijf of praat.

Ik ben er zeker van dat mijn uitleg voor verbetering vatbaar is en ik sta dan ook open voor correcties en aanvullingen. U weet mij te vinden.

Verder lezen en kijken

Jason COLAVITO: Jason Calvito Blog
Schitterende blog over pseudoarcheologie. Colavito behandelt heel wat klassieke onderwerpen uit het genre vanuit een energieke en verfrissende invalshoek.

Brian DUNNING: The Phantom Time Hypothesis (2012)
Aflevering van de podcastreeks Skeptoid over Illigs fantoomtijdhypothese.

Phillip DRUZHININ: MUD Flood in 19th century. GiANTs were real (2016)
Een van de eerste YouTube-video’s met een herkenbaar Tartariaanse insteek.

R. FRITZE: Invented Knowledge. False History, Fake Science and Pseudo-religions (2009)
Een van de betere werken over pseudoarcheologie en aanverwante pseudowetenschappen.

E. J. JANE & C. FLEMING: Modern Conspiracy. The Importance of Being Paranoid (2014)
Mijn lievelingsboek over complotdenken. Jane en Fleming waarschuwen voor een te veel aan ernst en gebrek aan humor wanneer men als skepticus een complottheorie bestudeert.

Stephan MATTHIESEN: Wurde das Mittelalter erfunden? Kommentar zu Heribert Illig (2008)
Matthiesen is naast een wis- en natuurkundige, een vocale tegenstander van Illigs chronologiekritiek.

MEDIEVALISTS.NET: Explaining why the Phantom Time Hypothesis is all wrong (s.d.)
Inleiding bij een duidelijke educatieve video over de fouten in de fantoomtijdhypothese.

N. ROSENBLUM & R. MUIRHEAD: A Lot of People Are Saying. The New Conspiracism and the Assault on Democracy (2019)
Rosenblum en Muirhead muntten de term ‘conspiracism’. Geïnpsireerd door Pizzagate en complottheorieën tijdens de regering Trump, leggen een verband tussen complotdenken en de ondermijning van de democratie.

J.-W. VAN PROOIJEN, J. LIGTHART, S. ROSEMA & Y. XU: The entertainment value of conspiracy theories. British Journal of Psychology (2021), 113 (1), pp. 25-48.
Artikel over complotdenken als een vorm amusement.

Frank VERHOFT: Tartaria, modder en verzonnen tijd. Pseudogeschiedenis op maat van de sociale media (2023)
Mijn inleidend boek over het fenomeen Tartaria. Inspiratiebron voor deze driedelige podcast.

Shares
Frank Verhoft Geschreven door:

Verhalen over oude en nieuwe complotverhalen, pseudowetenschap en desinformatie. Volg me op Mastodon.